preekpost 26 mei 2019

zondagmiddag 26 mei 2019

Jezus’ afscheidsgebed – Jezus bidt om bescherming voor zijn vrienden

Nadat Jezus eerst zijn hart laat spreken naar de Vader en duidelijk maakt dat het in alles moet gaan om het herstel van Zijn glorie, komen we nu bij het verlangen dat Hij heeft voor Zijn vrienden. De woorden van het afscheidsgebed laten duidelijk horen hoe intens Hij zich met hen verbonden weet. Jezus gaat niet terug naar Zijn Vader in de hemel om de boel hier op aarde maar over te laten aan Zijn vrienden.

Hij is zich bewust van de spanning waarin hun leven zich zal afspelen als Hij niet meer hier is. De wereld is geen veilige plek. We vinden dat misschien een wat rare gedachte. Niet dat de wereld er veiliger op wordt, maar om nu te zeggen dat de wereld onveilig is. Er zijn toch best veilige plekken en we leven in een betrekkelijk veilig land. Een Syriër die gevlucht is uit een onveilig land ervaart zijn leven hier als veilig.

De onveiligheid waar Jezus over spreekt zit in iets anders. Hij verbindt die letterlijk met de duivel. De naam duivel betekent uiteendrijver. Daar zit het gevaar dat je in deze wereld treft, meer dan onveiligheid op straat. Het is Gods tegenstander die hier actief is en die alles in het werk zal stellen om de vrienden van Jezus los te maken, om ze uit elkaar te drijven. Je kunt de wereld toch niet zomaar onveilig noemen?

Zolang Jezus hier op aarde was, kon Hij Zijn vrienden zelf beschermen. Jezus bidt voor Petrus die Hem zal verloochenen dat de Satan hem niet in handen krijgt. En nu bidt Hij dat Zijn vrienden bescherming van de Vader zullen ontvangen met het oog op die vijand. God de Vader en de Zoon hebben zich niet tegen elkaar laten uitspelen. Jezus bidt dat wij ons niet tegen elkaar laten uitspelen. Zijn vrienden hebben de bescherming nodig van het een zijn in Hem.

Dit gebed mag ons diep raken. Wat is het verlangen van Jezus intens. Wie zou die boze kunnen weerstaan? Kijk eens hoe vaak het hem gelukt is toch uit een te drijven? Ook in de kerk. Dat ligt niet aan een tekort in Jezus gebed, maar in een tekort van onze afhankelijkheid van Hem. Laten we niet denken dat we zelf wel bestand zijn tegen de krachten die in deze wereld tegen God in werken. Geen mens sinds de dagen van Adam en Eva is daartoe in staat gebleken, alleen Jezus. Zijn kracht en bescherming hebben we hard nodig.

Jezus gebed is intens. Niet alleen op dat moment, maar het is zijn gebed nog altijd. Elke dag bidt Hij de Vader om bescherming voor Zijn volgelingen op aarde. Hij verlangt ernaar dat ze zullen delen in de eenheid die Hij met de Vader altijd heeft gehad. In die eenheid is ons leven niet langer verbrokkeld en verdeeld, kapot getrapt door de zonde. Vervreemd van God en vervreemd van elkaar. Maar delen we in de verzoening die Jezus tot stand heeft gebracht, in de eenheid van God de Vader en Zijn Zoon.

Als God ons leven niet bewaard, wie moet het dan doen? Hoor je Jezus voor jou bidden, voor ons, voor heel Zijn kerk? In dat gebed ligt onze bescherming!

Lezen Johannes 17:9-19

Advertenties

Studiedagen 15 en 15a (13 en 14 mei 2019)

Zo zou je kunnen geloven – Maarten Wisse

Het is een prachtige zonovergoten dag als we elkaar op maandag 13 mei weer ontmoeten op Hydepark voor de volgende tweedaagse. Nog steeds zijn we onze context aan het verkennen. Bij die context hoort ook hoe we zelf geloven en hoe mensen om ons heen geloven. Daarom is Maarten Wisse op de eerste dag onze docent. Hij schreef het boek “Zo zou je kunnen geloven”.

Afbeeldingsresultaat voor zo zou je kunnen geloven

In dit boek onderscheidt hij verschillende manieren van het christendom van elkaar die elke hun eigen manier van geloven hebben: traditioneel, gemoderniseerd, evangelicaal en buitenkerkelijk christendom.

De titel van het boek maakt al duidelijk dat het niet een apologetisch boek is. Maar dat Wisse de uitnodiging zoekt. Hij laat ons in de les zien dat het apologetische niet echt past bij de cultuur van onze tijd. Alsof de kerk vanuit een machtspositie kan zeggen wat je zou moeten geloven.

Kant – kennis

Wisse laat ons zien hoe het christelijk geloof door de Verlichting heen is gehaald. Hij wijst ons op de invloed die Kant heeft gehad. Zijn uitgangspunt was: wat kan ik weten? De vraag naar de waarheid of beter de ontwijfelbare toegang tot de werkelijkheid stond centraal. Orthodoxie (“ik weet het zeker”) en vrijzinnigheid (“ik weet het niet zeker”) zijn beide exponenten vanuit de invloed van Kant.

De route in beide stromingen loopt via kennis. In geloof gaat het om een apologetiek van de waarheid die je via de kennis opdoet.

Marx – macht

Marx zet erop in om te laten zien dat het bij geloof om macht gaat. Alle geloof is macht. In de Nederlandse context hebben we meer te maken met de invloed van Marx dan van Kant. We moeten meer opboksen tegen de gedachte dat de kerk een machtsinstituut is dan dat het zozeer om de apologetiek gaat. Het verzet ligt in de hoek van de verdachtmaking: wat wil die persoon met mij. We denken nog erg in binnen en buiten. Pas als je binnen bent tel je mee. Dat levert een reflexmatige weerstand op en die is meer gericht op het instituut (de macht) dan op het geloof (kennis). Mensen willen niet dat er een claim op hun leven ligt.

Dit heeft wel heftige gevolgen. De kerk is gebouwd op een kenniscultuur via een catechetische structuur: via kennis komt het tot geloof en ervaring. Ze wappert graag met waarheidsclaims. De kerk doet op die manier nog steeds of ze hoort tot de categorie van de life saving business. Het is nodig en het moet, zonder relevantie voor het leven. Terwijl het voor mensen in de postmoderne tijd om een vrije tijds categorie gaat. Daarom gaat het niet om de taal van de waarheid (life saving), maar om de taal van de ervaring: wat heb ik eraan. Juist de wereld van het entertainment weet de echte – soms ook snoeiharde – thema’s van het leven aan te raken. Terwijl we in de kerk nog wel eens in de modus gaan zitten dat het vooral leuk moet zijn.

Maar waarom zou je dan nog geloven? Als je niet kunt insteken bij het punt dat je moet geloven omdat het waar is, langs welke route moet het dan. Hoe kun je dan nog missionair zijn? Wisse steekt in bij de vraag naar wat het goede is. Het goede is de test van de christelijke boodschap. Geloofwaardigheid zit niet in het intellectuele (kennis), maar in het morele (ervaring). Via het spoor van de gerechtigheid kom je de gebrokenheid op het spoor en daarmee de zonde. Dit is een andere route dan de waarheid dat je zondig bent ook al geloof je dat zelf niet. Het is zoeken naar de presentie en daarmee ook naar het ontbreken van God in onze wereld en ons eigen leven.

Als opdracht gaf Maarten Wisse ons mee om in 1 zin op te schrijven waar we het voor doen. Wat is jouw missie. Ik heb die tijdens deze dag zo verwoord:

Omdat ik geraakt ben door Gods liefde in Jezus Christus en geloof dat Hij ernaar verlangt
om mensen te laten delen in de heelheid die Hem voor ogen staat!

Ik verwijs hier ook nog naar het rapport “de Bijbel in het midden” door Maarten Wisse geschreven met het oog op het geloofsgesprek in de gemeente.

Kennismaking IZB-focus

Afbeeldingsresultaat voor IZB focus

’s Avonds hebben we Jan Maarten Goedhart van de IZB op bezoek. Hij vertelt ons over het Focus traject dat de IZB heeft ontwikkeld om in de lokale gemeenten een meer missionaire houding bij de gemeenteleden te ontwikkelen.

In het Focus-traject gaat het niet om de gemeente informatief te leren, maar transformatief dat wil zeggen gericht op verandering. In twee jaar tijd zijn worden er 6 blokken aangeboden waarmee de gemeente in bestaande structuren aan de slag kan gaan. De gemeente wordt daarbij begeleid door een externe trajectbegeleider die voor een aantal uren in de gemeente wordt gedetacheerd. Op dit moment loopt er ook een proef dat predikanten het traject in hun eigen gemeente kunnen begeleiden.

Kernwaarden IZB focus:

  • verlegenheid en verootmoediging (realiteit)
  • verlangen en verwachting (toekomst)
  • vervulling en vernieuwing (afhankelijkheid)
  • verdieping en verbreding (proces)

Inhoudelijke uitgangspunten IZB Focus:

  • voor nieuw missionair elan is revitalisatie nodig.
  • back to the basics: een hernieuwde focus op Jezus Christus
  • een cultuurverandering in missionair opzicht
  • nieuwe verbinding tussen de kerk binnen en de kerk buiten. Niet wat kun jij aan ons – de gemeente – geven, maar wat kunnen wij -de gemeente – aan jou geven op jouw plek om daar iets te delen van je geloof.

In het plaatje hierboven zie je links de gemeente verbeeld als gemeenschap die samenkomt. Daarnaast is de een plaatje van de gemeente zoals die het grootste deel van de tijd verspreid doorbrengt in de samenleving. Het doel van Focus is om op de plek waar de gemeente bij elkaar is toegerust te worden om bewust en toegewijd christen te zijn op de plek waar je het grootste deel van je tijd doorbrengt.

De kerk in een priesterlijke rol – Stefan Paas

Gerelateerde afbeelding

Op de tweede dag is Stefan Paas onze docent. Stefan is o.a. auteur van het boek “Vreemdelingen en priesters” en als missioloog verbonden aan de VU en de TUK. Hij spreekt met ons over de kerk als een gemeenschap in de marge van de samenleving, maar tegelijk met een geweldige roeping om als priesters dienstbaar te zijn aan de samenleving.

Als priester ben je erop uit om de ander recht te doen. Dat is meer en anders dan te hopen dat die ander met jou in de kerk komt. Je bent als priester geroepen om een minderheid te zijn. Een priester staat niet met anderen in concurrentie, maar heeft als taak de ander tot zijn/haar recht laten komen. En om het in gebed voor God te noemen.

Vanuit de sleutelfiguur van het priesterschap denkt Stefan met ons na over missionair leiderschap. Voor hem zijn er dan drie uitgangspunten om rekening mee te houden.

1 Onze tijd wordt beheerst door onvoorspelbaarheid, onzekerheid en onbeheersbaarheid
De grote veranderingen in de cultuur en de onvoorspelbaarheid van de omgeving vragen om een hermeneutische en niet om een modelmatige benadering. Daarbij is het nodig om te exploreren en creatief te zijn. Waarbij creativiteit niet perse betekent dat je ook visionair moet zijn. Het christendom heeft zijn “noodzakelijkheid” (Kuyper) verloren, vergelijk wat Wisse zei over dat het “life saving” karakter van het christendom voorbij is. Veel, zo niet alle reacties hierop worden expliciet of impliciet gekleurd door nostalgie naar een religieus/christelijk verleden. Dit is de impliciete maatstaf waartegen alles wordt afgezet: een totaalbeslag van het christendom op de samenleving. Typerende reacties hierop zijn: ontkenning door te doen of het echt niet zo is (“ondanks de ontkerkelijking zijn mensen meer religieus”), herstel (bijvoorbeeld modellen van kerkgroei en transformatie van de samenleving). Wat we nodig hebben is een doxologische benadering met aandacht voor de voorsmaak en tekens van Gods Koninkrijk.
2 leiderschap is vandaag explorerend en ondernemend
Wat altijd goed werkte, werkt niet als de omgeving verandert. Een planmatige aanpak als bijv. bij Willow Creek werkt alleen als de omgeving stabiel is en amper verandert. In een veranderende omgeving is het nodig om te experimenteren, uit te proberen en daarvan te leren. ‘Sense-making’ (Moynagh) is daarvan een cruciaal aspect in plaats van ‘vision casting’. Je wilt initiatieven stimuleren van ontmoetingen in de buurt en daarvan leren. Wat betekent dit nu vanuit het geloof? Wat is onze rol, wat brengt God op onze weg? Het is nodig om de bijbel opnieuw te leren lezen vanuit de ervaringen van vandaag.
3 wat wij doen maakt verschil
De sociale wereld om ons heen is niet vastgelegd en ontrolt zich niet volgens ijzeren wetten, dan zou je moeten ontdekken wat de wetten zijn en daarop je organisatie aanpassen. Secularisatie is geen natuurwet, maar een sociaal proces. Jouw interventie maakt daarom verschil. Fatalisme zal zich bevestigen. Missionaire werkers geloven dat hun werk er toe doet en dat doet het ook, hiervoor is experimenteren in de zin van verstoren nodig.

Met deze uitgangspunten spreekt Stefan met ons over priesterschap als sleutelmetafoor om ons bestaan als missionaire minderheid in een seculiere cultuur te begrijpen / er betekenis aan geven.

Wat doen Priesters
God vertegenwoordigen voor hun volkhun volk vertegenwoordigen voor God
Onderwijzen, zegenenLofprijzing, offers
Evangelisatie, voedselbanken
gerechtigheid, ets. De vrede en de
welvaart van de stad zoeken.
De goedheid en schoonheid van de wereld ‘op naam brengen’
en God daarvoor prijzen. De dankbaarheid het verdriet en de
boosheid van de wereld verzamelen en voor God brengen
in lofprijzing, klacht en voorbede.

Karakteristieken voor een priesterlijk leiderschap:

  • priesters zijn een minderheid per definitie; deze benadering van missie hangt niet af van grootte en impact;
  • dit geeft een hoopvoller perspectief op evangelisatie en zoeken naar gerechtigheid, zorg voor de armen etc.: het eindigt niet wanneer mensen ‘nee’ zeggen;
  • priesters concurreren niet met de wereld; hun besef van identiteit en hun vertrouwen zijn niet geworteld in een overtuiging dat zij ‘beter’ zijn dan anderen of ‘succesvoller’ in het veranderen van de wereld. Hun identiteit is geworteld in een roeping om te aanbidden en te zegenen;
  • priesterschap functioneert vanuit liefhebbende relaties, het delen van het leven van elke dag, kleinschalige ontmoetingen (experimenten), zonder verborgen agenda’s of ‘recruteringsdruk’ (uitnodigend en verwelkomend, maar belangeloos);
  • geworteld in een diep verstaan van gemeenschap (priesterschap = gemeenschap van priesters): God benaderen ‘uit naam van’ degenen die je vertegenwoordigt (vgl. Job 1:4-5; 1 Cor. 7:13-14).

Missionair leiderschap anno nu

Creëer een cultuur waarin het hebben van liefhebbende, dienende relaties met je omgeving wordt gefaciliteerd en aangemoedigd. Help mensen om daarvan ‘het beste te maken’. Moedig experimenten aan, maak het niet te groot, en vertel verhalen, vier succesjes.

Leg liturgische verbindingen (kan hoog- of laagkerkelijk, formeel of informeel) tussen de relaties van elke dag in de omgeving en de zondagse samenkomst. Maak concreet wat het betekent om ‘met’ en ‘namens’ de wereld voor God te verschijnen.

Betrek zoveel mogelijk mensen bij het voorbereiden en uitvoeren van de vieringen. Verhoog de betrokkenheid en het gevoel van verantwoordelijkheid. Coach, bemoedig, geef feedback en complimenten.

preekpost 19 mei 2019

zondagmorgen 19 mei 2019

Bouwen aan de liefde is allereerst bidden!

De opdracht dit Timotheüs van Paulus ontving voor zijn werk in de gemeente van Efeze was: de liefde. Als ik aan liefde denk, dan denk ik vooral aan wat ik aan een ander moet laten zien. Voor je het weet voel je een enorme druk op je schouders liggen en misschien een uitputtingsslag omdat liefde vanuit onszelf echt geen onuitputtelijke bron is.

Gelukkig wijst Paulus op bronnen die het geheim in God zelf hebben. En daar gaat hij mee verder. Het eerste wat hij praktisch noemt om aan te werken is het gebed. Niet het gebed voor jezelf, niet het gebed voor mensen die jou na aan het hart liggen. Maar het gebed voor alle mensen en dan noemt Paulus in het bijzonder ook nog het gebed voor de mensen die ons regeren.

Als we elkaar zouden vragen voor wie we bidden, dan komt er vast wel een lijstje. Maar ik verwacht dat het een lijstje is met mensen die bekenden van je zijn. Van mensen misschien die je hart geraakt hebben toen je hun nood zag in een filmpje op tv of anders. Maar alle mensen? Dus ook die mensen die jou lastig vallen, die anders denken, die een andere taal spreken, een ander geloof aanhangen? Ze zullen vast niet op het lijstje staan. En als het om de overheid gaat, dan willen we nog wel bidden voor christen politici. Maar voor policiti die echt een geluid laten horen dat haaks op jouw christelijke levensovertuiging staat? Dat ligt niet zo voor de hand.

Paulus maakt de oproep niet voor niks zo breed. En denk niet dat het voor christenen in zijn dagen gemakkelijker was om voor de overheid te bidden. Wat dat betreft leven we echt wel in een gezegend land met ons gekozen parlement, tegenover de regering van het Romeinse rijk met op macht beluste mensen aan de top.

Bidden beperkt zich in de praktijk tot een selecte groep. Paulus wekt op om dat anders te doen. Bidt voor alle mensen, ook voor die overheid die je dwars zit. De reden is heel eenvoudig. Het is Gods wil dat alle mensen kunnen ontdekken dat Gods liefde redding kan brengen in ons leven. Als wij dan naar mensen de deur toe sluiten kan Gods liefde hun leven niet bereiken. Maar om die liefde op te brengen, hebben we niet genoeg aan wat we aan liefde in onszelf hebben. Als we bidden voor alle mensen, zoeken we de bron van die liefde bij God zelf.

Alle mensen bij God brengen, betekent je door God willen laten vullen met Zijn liefde voor hen zodat je dienstbaar mag zijn aan de voortgang van het evangelie. Ook naar mensen toe die jij zelf niet uit zou kiezen. Bidden voor de overheid heeft juist ook die voortgang van het evangelie op het oog, dat je door liefde te hebben voor alle mensen, de vrede en de bloei van de stad mag dienen. En dat de overheid zelf daarvoor ruimte biedt. Gods visie reikt royaal verder dan de kerkmuren waarachter wij gemakkelijk wegkruipen. De hele wereld is in beeld en daarmee ook de hele wereld waarin ons leven zich bevindt.

Liefhebben is bidden voor alle mensen. En juist dat gebed maakt het liefhebben van alle mensen mogelijk omdat we in dat gebed Christus ontmoeten die zijn leven gaf om de zonde van heel de wereld te dragen.

lezen 1 Timotheus 2:1-7

preekpost 12 mei 2019

zondagmorgen 12 mei 2019

het doel is: liefde

Er loopt een reclamecampagne van SIRE die ‘doeslief’ heet. Een oproep aan iedereen om wat aardiger te zijn tegen elkaar. Bijvoorbeeld naar scheidsrechters om hen niet uit te fluiten of de huid vol te schelden. Of op social media, door geen woorden te gebruiken waarmee je een ander het allerergste wenst.

Een beetje aardig zijn voor elkaar. Goed dat daar op deze manier aandacht voor wordt gevraagd. Als Paulus Timotheüs achterlaat in de stad Efeze dan geeft hij hem als opdracht mee: liefde! Ik wil dat jij in de gemeente van Efeze gaat werken aan de liefde. Dat lijkt een open deur intrappen als het om de kerk gaat. Nogal wiedes dat de kerk een plek is waar je aardig bent voor elkaar. Daar hoeft toch geen speciale opdracht voor gegeven te worden?

Toch wel! De reden daarvoor heeft te maken met mensen die het hoofd van de gemeenteleden helemaal op hol brengen met een leer die afwijkt van het evangelie. Paulus had daar al voor gewaarschuwd toen hij afscheid van hen nam (Handelingen 20). En dat is dus ook gebeurd. De gemeenschap van de kerk wordt verscheurd door mensen die op hen inpraten en dingen leren die ze weghalen bij waar het om gaat: de liefde. De toon binnen de gemeente is die van meningsverschillen, discussies en dat allemaal op basis van teksten. De beweging van de liefde is eruit. Ze staan stil. Ze komen vast te zitten in hun hoofd en het hart is er niet meer bij. In de Openbaring staat van deze gemeente dat ze de eerste liefde zijn kwijt geraakt. Ook daar – het is later in de tijd – als gevolg van een volle inzet op de leer.

Een gemeente dus die wel met het hoofd bezig is, maar het hart vergeet! Dan sta je stokstijf stil terwijl liefde een beweging is, een weg om te gaan. Als Paulus wat meer over die liefde zegt, dan wordt duidelijk dat het om iets anders gaat dan een beetje aardig zijn voor elkaar, doeslief. Het gaat om liefde uit: 1. een rein hart, 2. een zuiver geweten en 3. een oprecht geloof.

Drie bronnen voor de liefde die allemaal te maken hebben met een verandering van binnenuit! Met de verandering van het hart, die opkomt uit het gezonde evangelie dat niet een leer brengt om over te discussiëren, maar een Heiland die zijn liefde naar ons uitstrekt. Hoe kan een geweten zuiver zijn, hoe kan een hart rein zijn. Alleen door Jezus Christus die aan onze zonde, aan onze onreinheid gestorven is. Liefde komt daarom niet uit een oproep voort om wat aardig te zijn, maar uit oprecht geloof. Geloof dat Jezus in het hart sluit.

Dan kom je in beweging. Niet omdat de hashtag doeslief je aanmoedigt, maar omdat Jezus je hart van Zijn liefde volmaakt. Die liefde haalt je bij discussies weg over wie wel of niet gelijk heeft, maar zet zich in om uit te delen aan wie dat nodig heeft.

In de kerk van Christus gaat het om die liefde in de praktijk. Wat zou het mooi zijn als mensen die op zoek zijn naar echte liefde daar iets van kunnen proeven omdat wij in ons leven die weg van Christus liefde bewandelen.

Lezen: 1 Timotheüs 1

Gericht zijn op Gods luister

In de serie over het gebed starten we zondag met een serie van drie diensten over het gebed dat Jezus bad bij zijn afscheid. Dit gebed wordt ook wel het hogepriesterlijk gebed genoemd omdat Jezus in het bijzonder ook voorbede doet voor zijn leerlingen en voor hen die door hun getuigenis tot geloof zullen komen.

Bij de inzet van het gebed staat het woord heerlijkheid of luister centraal. Dan gaat het om God in al Zijn majesteit. Jezus staat voor het meest intense moment van Zijn leven. Zojuist heeft Hij met Zijn leerlingen de maaltijd gevierd en heeft Hij met ze gesproken over het afscheid dat aanstaande is. Nog een paar uur en Hij zal de diepe duisternis ingaan waarin God Zijn handen terugtrekt en Zijn Zoon aan de duisternis overlaat. Het uur dat Jezus het uur van de overste van deze wereld noemt.

Als Jezus daarover spreekt, dan legt Hij in dit gebed een bijzonder accent. Hij spreekt niet van oordeel en vervloeking, maar Hij heeft het met het oog op het uur dat komt over de verheerlijking van Zijn Vader. Zelfs in de weg die Hij moet gaan naar de dood gaat het om de verheerlijking van Zijn Vader. Hij zal niet toe laten dat in het donkerste moment van zijn leven, als het licht van de hemel en daarmee van Zijn Vader gedoofd is, de duisternis vat op Hem zal krijgen.

Van Gods luister is in dat uur weinig te zien. Het is één en al duisternis, niet alleen letterlijk in de zin dat het donker wordt op aarde. Maar ook in wat er gebeurt. Als je om je heen kijkt in de wereld is het evenmin zo dat we Gods luister kunnen zien. Vaak zien we juist het tegendeel in alle gebrokenheid die we op de weg van het leven tegenkomen. Toch verbindt Jezus de luister van God zelfs aan dat donkere uur. Als het om de luister van God gaat, leert Gods Woord ons dat het beeld van Gods luister hersteld wordt in mensen die zich in geloof met hun leven aan Jezus toevertrouwen. In Jezus raakt de luister van de hemel aan ons eigen leven, zelfs daar waar het donker om ons heen is. Van heerlijkheid tot heerlijkheid worden we naar Gods beeld hersteld, zo schrijft Paulus daarover aan de Korinthiërs.

Tussen de woorden in die gaan over Gods luister zegt Jezus iets over het geheim van het eeuwig leven. Dat helpt ons om te zien hoe Gods luister ons leven hier kan raken. Eeuwig leven is het kennen van God de Vader en van Jezus Christus die door Hem gezonden is. Eeuwig leven is dus niet eindeloos leven, maar leven dat weer helemaal bij God hoort. Het is leven waarover Zijn heerlijkheid, Zijn luister straalt. Niet dat we die luister zomaar kunnen waarnemen, maar in de relatie met Jezus is dat wel wat er gebeurt. Het gaat er dus om dat we Hem leren kennen.

Kennen is in de bijbel meer dan weten wie God is. Het is met Hem omgaan in een relatie van geloof en liefde. Op die weg maken we zeker het donker mee van het kruis, van de afwijzing van God die ook diep aan ons eigen leven kan raken. We worden geconfronteerd met het donker van het kwaad in de wereld waar we onder kunnen lijden, maar ook in onszelf. Het kwaad dat zo vaak in ons hart en in onze gedachten is en dat we niet zelf kunnen overwinnen. Door Jezus te kennen, mogen we weten dat Hij daarvoor de duisternis inging. Hij gaf zichzelf niet – zoals wij vaak wel – weg aan de duisternis. Hij bleef trouw aan Zijn Vader, ja bracht Hem eer tot in Zijn sterven. Het antwoord van de Vader daarop – en dat is Jezus’ gebed – is dat de Vader Hem zal verheerlijken. Wij mogen geloven dat Hij dat gedaan heeft in Zijn opstanding uit de dood. Dat is de overwinning op onze duisternis. Jezus kennen is delen in Zijn overwinning en daarom – hoe groot is Gods genade – ook delen in Zijn hemelse luister!

Lezen Johannes 17:1-9

extra studiedag – 3 mei 2019

Ontmoeting met Michael Moynagh

Met een groep van ongeveer 25 predikanten die missionair bewogen zijn ontmoeten we op vrijdagmorgen 3 mei 2019 Michael Moynagh in het Landelijk Dienstencentrum van de PKN in Utrecht.

Michael is de schrijver van het boek “Church in every context” en “Church in life”. Beide gaan over ‘fresh expressions’ van kerk-zijn. Bij de koffie introduceert Nynke mij bij Michael en al gauw gaat het gesprek over pioniersplekken (bij ons in de CGK zendingsgemeenten). Hij vertelt dat ze Engeland twee keer per jaar pioniersteams bij elkaar brengen. In deze ontmoetingen staan de volgende vier vragen centraal:

  • Wat was?
  • Wat is?
  • Wat zou kunnen – visionair brainstormen
  • Wat gaan we doen – doelen stellen

Door middel van deze vragen wordt de missionaire beweging doelgericht in gang gehouden. Er wordt een agenda gesteld, er wordt een verantwoordelijke aangewezen. Het is dus meer dan enkel een learning community. De pioniersteams worden bij de pioniersreis geholpen door een app ‘fx-godsend’.

Michael noemt hier ook het probleem van onze vergadercultuur. Die is vaak veel te weinig taakstellend / missionair en voegt zich niet in de reis van het bouwen aan gemeenschappen.

Luisteren is een proces. Al luisterend ontdek je welke richting het op moet of kan gaan. Het A,B,C, van luisteren is:

  • Ask – neem iemand met je mee op reis
  • Begin – met wat je hebt (context)
  • Chat – deel het met anderen (gemeenschap van de bredere kerk)

Michael laat ons weten dat hij hierin veel geleerd heeft van ondernemers. Zij beginnen met wat ze hebben. Het zijn vernieuwers die doen waar ze goed in zijn. De kerk heeft zulke vernieuwers nodig – mensen die al luisterend de missionaire pioniersreis willen oppakken – omdat de kerk in zijn aard exclusief is. Dat hangt samen met 1. tijd (moment van samenkomen), 2. locatie (plek van samenkomen), 3. stijl (vormgeving van samenkomen) en 4. agenda (wat doen we hier). Wil je inclusief zijn, dan zijn er nieuwe en andere plekken, andere stijlen en andere agenda’s nodig die wel met de kerk verbonden zijn waar je die inclusiviteit kunt laten zien. Dat begint met het zien en herkennen van de mensen om je heen. Wat vraagt God om deze mensen lief te hebben en ze te dienen.

Die nieuwe plekken kunnen niet zonder verbondenheid met de traditionele kerk. Michael zegt zelfs dat een pionier evenveel tijd zou moeten doorbrengen in het verbinden met nieuwe mensen als dat hij tijd steekt in de verbondenheid met de zendende kerk. Om deze verbinding vorm te geven doet hij niet in willekeurige volgorde de volgende stappen:

  • Shared social events
  • Shared teaching events
  • Shared mission events
  • Shared worship 

Michael doet daarbij de suggestie om deelnemers van de pioniersplek bijvoorbeeld te laten zorgen voor de koffie.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-1.jpeg

De pioniersreis is erop gericht dat je – gedreven vanuit het evangelie – mensen de gelegenheid wilt geven een voller leven te krijgen. Ook als mensen niet open staan voor de boodschap van Jezus kan de Geest gebruik maken van de relaties om wel in deze mensen te werken. Vanuit ontmoetingen en relaties kun je mensen uitnodigen die meer van Jezus willen weten. mensen uitnodigen die meer willen weten van Jezus. Belangrijke rol in het vormen van gemeenschappen en het aangaan van relaties zijn maaltijden. Daarin zit een eucharistisch moment, denk aan de maaltijd in het huis van één van de Emmaüsgangers.

Michael laat zien hoe je in vier sessies waarin je met niet-christenen een bijbelgedeelte leest, in die achtereenvolgende bijeenkomsten de volgende vragen kunt stellen:

  1. Als dit vandaag gebeurt hoe zou het er dan uit zien?
  2. Wat zegt het verhaal mij?
  3. Zou dit verhaal een verschil in mijn leven kunnen maken, hoe dan?
  4. Maakte het verhaal een verschil in mijn leven, hoe dan?

Wij zijn erg belast met vragen als wat staat hier en wat betekent dit en willen graag uitleg geven. Daarom moeten er behalve de leiders geen christenen aan de groep deelnemen. Leiders die op deze manier met een groep onderweg gaan moeten dat los kunnen laten om de Geest door het Woord Zijn werk te laten doen. De Geest is zelf de Evangelist in dit geval. Na de bijeenkomst wordt er 2 minuten stilte in acht genomen. Die stilte kan iemand gebruiken om te bidden of om positieve gedachten te geven aan iemand die ze kennen. De leider gebruikt die stilte om te vragen of God door Zijn Geest wil werken in de deelnemers.

Als het gaat om de rol van de voorganger, ziet Michael die vooral als onderwijzer, katalysator en verbinder. Laat je preken uitnodigend zijn om mensen aan het pionieren te krijgen. Liever dat mensen onderweg gaan met de pioniersreis dan dat ze nog weer in een commissie gaan zitten. Zorg ervoor dat je voor de pioniers een goede pastor bent. Dien de pioniers en geef hen vertrouwen. Stel vragen hoe je kunt helpen. En wees daarbij de verbindende schakel tussen de pioniersplek of het netwerk van pioniersplekken en de traditionele kerk.

We spreken ook nog over de opleiding van voorgangers in deze veranderende context van traditionele kerken en ‘fresh expressions’. Je hebt academici nodig en mensen die wat zij leren op een goede manier kunnen communiceren (vooral online). Daarnaast zijn er ook voorgangers nodig die kunnen faciliteren: bemoedigen, toerusten, dienen, verbinden.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-1.png

De pioniersreis komt aan het slot van de ochtend nog een keer terug. Het is goed om te zien hoe de cirkels van de reis met elkaar verbonden zijn en je van stap tot stap in beweging bent. Daarbij gaat het om geïntegreerde missie. Dat is wat anders dan checklijstje als de 5 marks of mission afvinken bij je activiteiten. Deze 5 marks of mission hebben onderweg op de pioniersreis allemaal hun plek, maar brengen op zichzelf niet de beweging op gang die stap voor stap wel op gang komt aan de hand van de pioniersreis.

preekpost 28 april 2019

zondagmiddag 28 april 2019

Stil tot God – bidden zonder woorden

Stilte vinden we vaak niet zo gemakkelijk. In de auto zetten we de radio aan of luisteren we naar muziek om niet alleen maar stil met jezelf te hoeven zitten. Je doet de dopjes in je oren om de liedjes die je in je favoriete luisterlijst op Spotify hebt staan te horen. Let er maar eens op hoe vaak we echte stilte maar zo kort mogelijk willen laten duren. We weten er geen raad mee, vinden het confronterend. Als een gesprek stil valt dan voelt dat vaak heel erg vervelend.

In de bijbel kan stilte een vorm van bidden zijn. We kennen er iets van aan het begin van een kerkdienst. De stilte waarvoor we een moment de tijd nemen om ons hart naar God uit te laten gaan en ons zo op de dienst voor te bereiden. Maar dat moet niet te lang duren. Ook dan gaan we ongemakkelijk schuifelen. Een andere vorm is het bidden in stilte, waarbij je vooral toch aan het spreken bent maar dan zonder dat anderen het horen.

Waar het over gaat is een stilte zonder woorden. Een stilte waarbij haast letterlijk de hand op de mond wordt gelegd. Geen woorden die gesproken of gedacht worden om ruimte te maken voor Gods spreken.

In psalm 62 horen we David zeggen dat zijn ziel stil is voor God. Op Hem vertrouwt hij met zijn hele leven. Een prachtige belijdenis! Maar een paar regels verder wordt duidelijk dat die belijdenis niet vanzelfsprekend is. Er kunnen zoveel dingen in je leven gebeuren waardoor je onzeker wordt, zelfs over het houvast van je leven. En dan moet hij zichzelf toespreken: mijn ziel, wees stil voor God! David legt alle stemmen die zijn ziel onrustig maken het zwijgen op om zich alleen op God te richten. Om zijn ziel te laten vullen met wat God voor Hem wil zijn: de Rots waarop Hij mag bouwen. Stilte naar God toe is hier de stemmen de mond snoeren die almaar je gedachten bezig willen laten zijn en die het horen van God in de weg zitten. Wat kan er een hoop in je leven spelen dat je bezig houdt waardoor je zo druk bent in je hoofd en in je gedachten dat God er als het ware niet meer doorheen kan komen. Wees stil. Bewuste stilte en aandacht voor wie God is kan helpen om Hem te horen. Komt God er bij alles wat jij hoort en denkt nog doorheen? Ben je wel eens bewust stil om je op Hem te richten?

Bidden zonder woorden. Dat kan ook gebeuren doordat je iets meemaakt dat zo indrukwekkend is dat je er geen woorden aan kunt geven. Psalm 65 bezingt dat de stilte God als de Verhevene toezingt. Hoe stil kun je worden als je in een situatie komt dat er slechts verwondering overblijft. Als God iets van zijn majesteit aan jou laat zien, in de natuur of in een bijzonder ingrijpen waardoor als het ware de hand op je lippen wordt gelegd. Bidden zonder woorden. Je bent er helemaal stil van omdat je overweldigd wordt door iets dat zover boven jezelf uit gaat! Jouw woorden zouden het alleen maar kleiner maken. Je zou dit een stille aanbidding kunnen noemen.

Tot slot nog een andere vorm van bidden zonder woorden. Die komen we tegen in Romeinen 8. Er kunnen – Paulus noemt dat het zuchten van de gebroken schepping – situaties zijn waarin het lijden en de pijn zo groot is dat je uitgebeden bent. Geen woorden meer kunt vinden en er slechts een woordloos zuchten overblijft. Ook dat is een vorm van stil bidden. Het mooie wat Paulus daarover schrijft is hoe God zich aan dat zuchten verbindt door Zijn Geest. Ja, dat de Geest het zuchten tot gebed wil maken. Een gebed van verlangen naar de volle verlossing die als vaste en zekere hoop voor ons ligt. Hoop die we danken aan de Opstanding van Jezus uit de dood!

Stilte kan erg ongemakkelijk zijn en ons in verlegenheid brengen. Maar stilte kan ook kostbaar zijn als stilte ons helpt in het omgaan met God dwars door alles wat er op ons levenspad komt. Stilte kan niet alleen kostbaar, het kan soms ook bitterhard nodig zijn om echt ruimte voor God te maken. Hem te kunnen zien en te kunnen vasthouden. Zo gemakkelijk zijn onze woorden te veel van het goede en wil God in de stilte ons hart met Zijn goedheid vullen.

Lezen Psalm 62

preekpost 21 april 2019

zondagmorgen 21 april 2019 – Pasen

Pasen – een revolutie!

Als we denken aan een revolutie, dan komen beelden naar boven van een volk in opstand tegen een regering die onvoldoende aandacht heeft voor de echte problemen. Machthebbers moeten de vloer ruimen omdat ze slechte leiders zijn. Niet altijd leidt zo’n revolutie overigens tot de lente waarop men hoopt, met een vrolijker en blijer leven als gevolg en meer ruimte voor het volk. Daaruit blijkt wel dat een revolutie zo gemakkelijk nog niet te organiseren valt. Voordat de dingen in het leven echt anders worden, moet er vaak een heleboel gebeuren. En dan nog…, we vervallen altijd weer in de patronen van deze wereld: macht, onrecht, verdeeldheid zullen altijd weer naar boven komen. Omdat we één ding niet voor elkaar krijgen: de macht klein krijgen die ons eronder houdt: de zonde die ons bij God en Zijn wereld vandaan houdt.

En dan horen we op Pasen de woorden van Paulus die zegt: het oude is voorbij, het nieuwe is gekomen. Hij wijst daarbij naar de Opstanding van Jezus uit de dood. Die opstanding bewerkt een ware revolutie. Door deze gebeurtenis krijg je deel aan de nieuwe schepping als je Jezus in geloof omarmt.

Je kunt zeggen dat het een stille revolutie is. We zien niet met onze ogen dat de dingen echt anders geworden zijn. En toch… Kijk eens naar het graf van Jezus, het is leeg! Let eens op de ontmoetingen die de leerlingen met de Opgestane hebben. Zijn lichaam getekend met de wonden van zijn kruisdood, maar Hij is de levende. Hij blijkt sterker dan de macht van de dood. Hij heeft die verslagen! De dood kan nooit meer aan Hem komen. Hij als de eerste!

Een revolutie. De eerste mens die aan de andere kant van de dood opstaat en zich als de LEVENDE laat zien die de dood overwon. Daar begint de nieuwe schepping. Daar begint iets totaal nieuws! En Jezus zegt: daar mag jij bij horen als jij je leven aan Mij toevertrouwt. De kerk van Christus is de kerk van de Revolutie: elke zondag vieren we de doorbraak die Jezus bracht. Die eerste dag van de week als de eerste dag van de nieuwe schepping. Wat een reden om blij te zijn!

Het is een stille Revolutie. Je kunt het alleen maar zien als je Jezus ziet. In wat Hij gedaan heeft en doet! Maar dan zie je ook echt iets wat onvoorstelbaar is en je leven helemaal verandert. Je hoeft niet zelf te vechten tegen de machten die je niet de baas kunt. Je hoeft niet de boze de baas te zijn. Je hoeft niet zelf te zorgen dat alle dingen nieuw worden. Maar je mag je daarin door Jezus mee laten nemen. Dan ga je anders naar jezelf, naar de mensen om je heen en naar de wereld kijken. Wil het wat worden, wil je vertrouwen hebben, dan moet je bij Jezus wezen!

Daarom kan Paulus zeggen, als dit zo is. Laten we dan leven voor Hem, laat Hij het doel zijn waarvoor we gaan. De revolutie is in Hem begonnen en dan ligt er werkelijk de mooiste toekomst open! Om te ontvangen uit Zijn hand.

Lezen 2 Korinthe 5:11-21

zondagmiddag 21 april 2019 – Pasen

Pasen en de noodzaak van een nieuwe geboorte

Hoe zou Nicodemus de zondag van Pasen hebben beleefd? In elk geval was hij druk geweest met Jezus op de Vrijdag. Hij voegde zich bij de mensen die zorgden voor de begrafenis van Jezus in het graf van Jozef van Arimathea. De bijbel vertelt ons dat hij mirre en aloë had meegenomen om Jezus’ lichaam te verzorgen. Dan schrijft Johannes er de herinnering bij dat hij in de nacht een ontmoeting met Jezus had gehad. Kennelijk had die ontmoeting iets bij hem losgemaakt waardoor Hij dichter naar Jezus was toegegroeid. Best wel bijzonder, want hij hoorde bij de groep van de farizeeën.

Als het Pasen is en Jezus verschijnt als de Levende, moeten bij Nicodemus de gedachten vast weer teruggegaan zijn naar dat moment waarop Jezus die vreemde woorden tot hem sprak. Alleen als je opnieuw – ‘uit de hoogte’ staat er letterlijk – geboren wordt, kun je het koninkrijk van God binnengaan. Toen was het voor hem of Jezus in raadselen sprak. En misschien vindt jij het ook raadselachtig en vreemd. Hoe kun je nu opnieuw geboren worden? Je kunt toch niet terug in de schoot van je moeder? En maakt Jezus daarmee de toegang naar Zijn Koninkrijk niet heel klein. Hoe weet je nu of je opnieuw geboren bent. Moet je dan iets bijzonders hebben meegemaakt…?

Pasen is een nieuwe geboorte! Jezus die de dood achter zich laat. Jezus maakte aan Nicodemus duidelijk dat hij – hoe wetsgetrouw hij ook leefde – niet in staat zou zijn zichzelf te bevrijden van zonde. Laat staan dat Nicodemus zich van de dood kon bevrijden. En wie wel? Hoe gezond je ook probeert te leven, hoe je ook gewetensvol wilt zijn. Je botst altijd weer op tegen de dingen die het leven kapot maken en die ook in je eigen hart zitten.

Opnieuw geboren worden, dat is iets dat je alleen kunt ontvangen. Daar heb je zelf geen hand in. Dat maakt dit ook zo’n lastig woord. Maar als je even meegaat naar Jezus, de Opgestane. Hij die vanuit de hemel zichzelf laat zien in de 40 dagen die op Pasen volgen. Vanuit de hemel wil Hij je een leven aanreiken dat nieuw is en bij God past. Wij hoeven niet uit alle macht te proberen naar de hemel te reiken. Elke keer val je weer terug. Maar het leven ontvangen uit Jezus hand, uit de handen van Hem die de dood overwon, dat hebben we nodig.

Jezus zegt zelf dat die nieuwe geboorte mogelijk is door Hem te zien en in Hem te geloven. Hem geloven omdat – als God zelf in Jezus ons geen nieuw leven geeft – ons leven verloren is. We altijd weer terugvallen, niet op kunnen tegen de zonde en de dood niet de baas zijn.

Als Nicodemus Jezus de levende ontmoet heeft op of na de Paaszondag, dan kan het niet anders of zijn ogen moeten open zijn gegaan. Nu snap ik het. Als ik het leven niet ontvang uit de handen van Jezus, uit de hemel aangereikt, dan kan ik niet bij God horen. Maar kijk, Hij is opgestaan en reikt zichzelf aan ons uit! Dan begint je leven opnieuw en zo anders! Met uitzicht en een ongedachte vrijheid. Je loopt niet meer tegen de grens op die jezelf niet over kunt komen. Omdat God ons daar in Jezus overheen tilt.

Lezen Johannes 3:1-21